Categorieën

Deel artikel

Winkelmandje

0 items

Wij Accepteren

Fabrikanten

Talen

Dutch French German English
39676 ... NMBS .. Diesel loc 202.017 .. tp III
289.99 €
stock: 1
Beoordeling schrijven

39676 ... NMBS .. Diesel loc 202.017 .. tp IIImärklin - [M 39676]

Märklin

Spoor:
H0    Tijdperk: III


Voorbeeld: Diesellocomotief serie 202 van de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen (NMBS). Multifunctionele NOHAB-machine in de groene kleurstelling van tijdperk III. Bedrijfsnummer 202 017. Zoals eind jaren '50 in gebruik.
 
Model: Met digitale decoder mfx+ en uitgebreide geluidsfuncties. Geregelde hoogvermogenaandrijving centraal ingebouwd. 4 via cardan aangedreven assen. Antislipbanden. Met de rijrichting wisselend tweepuntsfrontsein en twee rode sluitseinen in conventioneel bedrijf, digitaal schakelbaar. Frontsein aan loczijde 2 en 1 elk afzonderlijk digitaal schakelbaar. Cabineverlichting digitaal schakelbaar. Verlichting met onderhoudsvrije warmwitte en rode lichtdioden (LED's). Gemonteerde metalen handgrepen. Machinistencabines en machineruimte met reliëfinterieur. Lengte over de buffers 21,7 cm.
 
  Control
Unit
Mobile
Station
Mobile
Station 2
Central
Station 1/2
Central
Station 3/2
Frontsein · · · · ·
Cabineverlichting · · · · ·
Rijgeluid dieselloc · · · · ·
Tyfoon · · · · ·
Directe regeling · · · · ·
Piepen van remmen uit · · · ·
Frontsein cabine 2 · · · ·
Tyfoon · · · ·
Frontsein cabine 1 · · · ·
Bedrijfsgeluid · · ·
Ventilator · · ·
Conducteursfluit · · ·
Compressor · · ·
Perslucht afblazen · · ·
Rangeersnelheid · · ·
Verwarmingsinstallatie ·

Highlights:
  • Digitale decoder mfx+.
  • Uitgebreide geluidsfuncties.
  • Cabineverlichting.
 
Eenmalige serie.
 
39676 – Diesellocomotief serie 202 van de SNCB/NMBS Basis van de machines die ook als "ronde neuzen", "aardappelkevers" of "bulldogs" werden aangeduid, waren de beroemde Amerikaanse F7/FP7-diesellocomotieven van de Electro-Motive Division (EMD) van General Motors (GM)). Maar het rechtstreekse voorbeeld van de "ronde neuzen" stamt niet uit de VS maar wel uit Australië, omdat hier een voordien Europees profiel van de vrije ruimte overheerste en door de Australische licentienemer ook een zesassige tweerichtingsvariant werd geproduceerd. Daaruit ontstond aan het begin van de jaren '50 bij GM/EMD de Europese licentievariant AA16. De opbouw van de behuizing ruste op twee drieassige flexicoil-draaistellen met aandrijving op alle wielstellen of alleen op elk van beide eindwielstellen. De vermogensoverbrenging vond plaats door de behouden GM-aandrijflijn met gelijkstroomkrachtoverbrenging, waarbij de op de dieselmotor aangeflensde hoofddynamo de tractiemotoren met neusophanging van de aandrijfwielstellen voedde. De traag lopende, watergekoelde tweetaktdieselmotor van het type GM 567 was in acht versnellingen regelbaar. Uiteindelijk beantwoordde de eerder "archaïsche diesel-elektrische" locomotief, op basis van de grote seriemodellen van GM uit de jaren '30 en '40, niet langer aan de recentste stand van de techniek, maar was ondertussen wel bij duizenden locomotieven bewaard gebleven. In 1954 bestelde de SNCB/NMBS bij de Belgische onderlicentienemer AFB in totaal 40 "ronde neuzen", die tussen 1955 en 1957 in drie series werden geleverd: serie 202 (202.001-013 u. 015-018, 1.720 pk, 120 km/u, met stoomverwarming), BR 203 (203.001-019, 1.720 pk, 120 km/u, zonder stoomverwarming), BR 204 (204.001-004, 1.900 pk, 140 km/u, met stoomverwarming). Omdat de Luxemburgse spoorwegen (CFL) dringend krachtige trajectdiesellocs nodig had, werden in april 1955 vier van de oorspronkelijk voor België voorziene machines als 1601-1604 aan CFL overgedragen en werden er nog vier andere locs (202.015-018) voor de SNCB/NMBS bijbesteld, die echter in 1957 al werden omgebouwd in de 204.005-008. Vanaf 1 januari 1971 veranderden de serieaanduidingen in 52, 53 en 54. Tussen 1978 en 1993 verdween bij in totaal 34 locomotieven de "ronde neuzen", en kregen zij de volledig nieuwe zogenaamde "zwevende" cabine ("cabine flottante"). Verder waren er in de jaren '80 een aantal ombouwen van locomotieven van serie 53 in serie 52 en omgekeerd. Op vandaag zijn er slechts twee rondneuzige SNCB/NMBS-exemplaren overgebleven: de SNCB/NMBS-museumslocomotief 5404 en de 5204, die door de vereniging "Patrimoine Ferroviaire et Tourisme" (PFT) wordt beheerd.